home artikelen lezingen e-books videoblogs

Een kleine bijdrage vanuit elke moslim

Door: Nourdeen Wildeman
Datum: 13 juni 2012
Waar: Trouw.nl (Religie & Filosofie Blogs)


Nu we in een diepe financiële en economische crisis zijn terechtgekomen moeten we goed overwegen hoe we als land ons geld besteden, of eigenlijk: hoe en waarop we kunnen bezuinigen. En daarbij komt ook regelmatig aan de orde hoeveel we uitgeven aan ontwikkelingssamenwerking. In het bedrag dat we hiervoor aanwenden zie je ook een reflectie van de moeilijke periode waar we inzitten. Echter, terwijl we voldoende eigen problemen hebben is het onwaarschijnlijk dat we ooit zullen stoppen met een deel van ons budget aanwenden om hulpbehoevenden te voorzien van steun. Het diepe morele besef dat je als mens, als mensen, als land, niet al je bezittingen voor jezelf moet houden. Dat je ook zal moeten delen wanneer je hier zelf geen direct belang bij hebt. De ethiek in het beheren van je middelen.



De Islam is geen religie die er vanuit gaat dat een leven van toewijding aan de religie een leven van een kluizenaar is. Natuurlijk wordt de gelovige opgeroepen om er bewust van te zijn dat alle materiele bezittingen slechts van korte duur zijn in dit wereldse leven. Dat het verstandiger is om te houden van het hiernamaals wat je nastreeft, dan te proberen je vast te klampen aan bezittingen in het wereldse leven. In het graf is weinig verschil tussen arm en rijk. Maar zolang je jouw mindset goed op orde hebt en je je aan de regels houdt, is er niets mis met het verwezenlijken van een serieus kapitaal. Sterker nog: de gemeenschap zal hiervan juist profiteren!

Elk jaar pak ik de calculator er weer bij. Ik bereken welk bedrag ik aan zakaat zal betalen. Het woord 'zakaat' wordt vaak vertaald als 'armenbelasting' omdat dit het best beschrijft wat het in de praktijk is. Als moslim betaal ik - kort door de bocht - 1/40ste deel van mijn financiële bezittingen aan diegenen die hulpbehoevend zijn en er recht op hebben.

Een aanzienlijk deel van de Moslims in Nederland heeft familiaire banden in het buitenland, waaronder gezinnen die hulpbehoevend zijn. De banden met deze gezinnen wordt aangehaald en bevestigd op het moment dat zij een financieel steuntje in de rug ervaren. Een medische ingreep die buiten bereik lag kan nu worden betaald of de kinderen krijgen meer kansen om naar school te gaan.

Zelf heb ik als bekeerling geen familie in het buitenland die hulpbehoeftig is en met mijn eigen familieleden gaat het godzijdank goed genoeg. Voor mij dus een mooi moment om weer eens stil te staan bij mijn idealen, bij mijn waarden en bij de mensen die daarvoor aan het werk zijn. Welke stichtingen of organisaties zetten zich in voor hulp aan armen, voor voedsel aan mensen die honger lijden, voor zorg aan zieken, voor noodhulp aan getroffenen? Welke initiatieven wil ik steunen en draag ik een warm hart toe? Op een persoonlijke en betrokken manier nadenken over hoe ik een positieve bijdrage kan leveren aan mijn directe of indirecte omgeving door een deel van mijn bezit belangeloos over te dragen.

Naast de jaarlijkse 'grote' betaling doet iedere moslim die enig bezit heeft nog een donatie voor het eind van de Ramadan. Na deze twee donaties is aan de minimale vereisten voldaan. Dat neemt niet weg dat het hele jaar door wordt aangemoedigd om een acceptabel deel van je bezit uit te geven als donaties aan goede doelen; deze vrijwillige donaties noemen we niet 'zakaat' maar 'sadaqah'.

Door hier elk jaar opnieuw bewust mee bezig te zijn, wen ik aan het idee dat mijn eigendommen niet zomaar aan mijzelf toebehoren. Natuurlijk ben ik gehecht aan mijn bezittingen, maar niet in die mate dat ik er niet van kan delen met anderen. Ik relativeer mijn kijk op mijn bezittingen en probeer er op een nette en ethische manier mee om te gaan.

Het woord 'armenbelasting' wordt dan wel veel gebruikt als vertaling, een taalkundige vertaling van het woord 'zakaat' is 'datgene dat reinigt'. Door een deel van mijn bezittingen aan te wenden in het belang van de maatschappij of hulpbehoevenden 'reinig' ik dat deel wat ik zelf houd. Ik kan het uitgeven aan noodzakelijke kostenposten maar ik kan er ook andere leuke dingen mee doen, zonder dat ik in algemene zin hoef te twijfelen of ik wel tegenover mijn Schepper kan verantwoorden wat ik met mijn bezit heb gedaan. En hoe rijker ik word, hoe groter mijn bijdrage aan mijn directe en indirecte omgeving zal worden.