home artikelen lezingen e-books videoblogs

Reactie op "Met Opgeheven Hoofd?"

Door: Nourdeen Wildeman
Datum: 30 oktober 2010
Waar: De Volkskrant


Op 16 oktober publiceerde de Volkskrant een column van Tofik Dibi (tweede kamerlid GroenLinks) met de titel "Wees moslim met opgeheven hoofd!". Dibi vertelt dat hij, net als ik overigens, sinds de verkiezingen veel vragen krijgt van jonge moslims. Zij blijken onzeker te zijn van de toekomst en vrezen de gevolgen van de monsterzege (een mooi gekozen aanduiding) van Wilders en zijn toenadering tot de macht. De kern van het betoog van Dibi komt mijns inziens tot uitdrukking in de afronding van zijn artikel, waar hij schrijft: "Wees mondig en vol zelfvertrouwen. Wees moslim met opgeheven hoofd. Word een voorbeeld voor anderen. Dát is het meest overtuigende en onweerlegbare bewijs van het ongelijk van Geert Wilders". Tot zover geen vuiltje aan de lucht.

Zo bezien bevat de column van Dibi een positieve en geruststellende boodschap voor de moslim jongeren die zich zorgen maken over de toekomst. Toch bekroop mij een erg ongemakkelijk gevoel bij het lezen van de column. De column moet de onzekerheid bij moslim jongeren wegnemen. Ik denk eerder dat het de reden van de onzekerheid bevestigd.

In de column worden enkele voorbeelden aangehaald. Rechtenstudenten die niet de sharia maar het Nederlands recht studeren. Een jonge moslim die alcohol drinkt. Een moslima die trouwt met een man die - zo lijkt het - zelf niet moslim is. Een praktiserende moslim die zijn kinderen vrij laat in hun keuze een hoofddoek te dragen. Dit zijn de mensen waar Dibi tegen zegt: maak je geen zorgen, jullie bewijzen dat Geert Wilders geen gelijk heeft.

Deze voorbeelden bevatten allemaal in meerdere of mindere mate voorbeelden van mensen die iets doen dat niet in overeenstemming is met Islam. Er is natuurlijk niets mis met het Nederlands recht studeren, maar wél in het voorbij gaan aan het onderwerp 'sharia'. Alcohol drinken is simpelweg verboden in Islam; hierover kan geen onduidelijkheid zijn. Natuurlijk kan je je kinderen niet dwingen om een hoofddoek te dragen, maar wanneer ze kiezen om dit niet te doen handelen ze in strijd met Islam. Een huwelijk van een moslima met een niet-moslim is vanuit Islamitisch perspectief niet rechtsgeldig.

Wanneer ik de column van Dibi lees, lees ik vooral de boodschap: "zo lang je niet (helemaal) Islam praktiseert heb je niets te vrezen".

Ik krijg regelmatig dezelfde bezorgde en onzekere vragen van moslim jongeren. Maar dit zijn jongeren die náást hun reguliere MBO, HBO of universitaire opleiding zich ook verdiepen in Islamitische geschiedenis en sharia (bijvoorbeeld met betrekking tot het gebed of hoe de armenbelasting berekent dient te worden). Die vijf maal per dag het gebed uitvoeren en nog geen slok maltbier zullen drinken omdat hier tot maximaal 0,1% alcohol in kan zitten. Moslima's die nooit de deur uit zullen gaan zonder hoofddoek, die nooit zullen huwen met een man die niet-moslim is. De standpunten van deze jongeren zijn niet de standpunten van 'radicale moslimleiders' maar algemeen geaccepteerde en breed gedragen Islamitische uitgangspunten.

De vragen die ik krijg komen van jongeren die Islam nemen als het fundament van hun leven, hun handelen en hun keuzes. Dit zijn net zo goed hard werkende of hard studerende, belastingbetalende, eerlijke en vriendelijke jongeren.

Hoewel ik de aanleiding van de column van Dibi begrijp en ik zijn goede intentie niet in twijfel trek, constateer ik dat hij niet het geruststellende antwoord geeft dat moslim jongeren zoeken. De vraag is niet: hoe ziet mijn toekomst eruit als ik Islam niet praktiseer? De vraag is: hoe ziet mijn toekomst eruit als ik Islam wél praktiseer? Als ik wél een hoofddoek wil dragen als vrouw? Als ik wél op vrijdagmiddag de preek in de Moskee wil bezoeken? Als ik wél trouw wil zijn en blijven aan mijn religie? Is er dán nog een toekomst voor mij in dit land?

Iedere politicus die de ring in stapt en de vragen van ongeruste moslims écht wil beantwoorden, zal vroeg op laat op die vraag zijn antwoord moeten formuleren. Het antwoord op die vraag zal de ongerustheid wegnemen of zal de ongerustheid bevestigen.