home artikelen lezingen e-books videoblogs

Recht op verwarring of andersom

Door: Nourdeen Wildeman
Datum: 3 juni 2009
Waar: Nederlandse Islamitische Omroep (NIO)


Ik rij graag. Heerlijk. Dat komt omdat ik tijdens lange ritten mijn gedachten rustig kan ordenen, alles op een rijtje zetten en overpeinzen. Ook vandaag. Volgens mijn navigatie moet ik nog een uur, volgens de file voor me wat langer.

Op de radio was er een discussie over vrijheid van meningsuiting. Ik volg de discussie, maar ben de draad helemaal kwijt. Het begon toen een man in 2004 een poster voor zijn raam hing met de tekst "stop het gezwel dat islam heet". Natuurlijk, het begon eerder, maar hier begon de verwarring bij mij. Hij werd in 2005 door de rechtbank veroordeeld wegens het in het openbaar beledigend uitlaten over een groep mensen wegens hun geloof. Het hof bekrachtigde later die uitspraak.

Conclusie 1: als je jouw mening uit op een onnodig grievende manier over een geloof, beledig je de gelovigen van dat geloof. Dat recht heb je niet.

In dezelfde zaak volgde dit jaar vrijspraak door de Hoge Raad. Zij waren het er niet mee eens dat er een relatie werd gelegd tussen het beledigen van een geloof en de bijbehorende gelovigen. Ze vinden wel dat de poster onnodig grievend was over het geloof, maar meer niet.

Conclusie 2: als je jouw mening uit op een onnodig grievende manier over een geloof, beledig je niet de gelovigen, ook al zijn die beledigd door wat je zegt. Dat recht heb je dus wél.

Vorige week was de discussie - door een uitspraak van Mark Rutte (VVD) - of het ontkennen van de holocaust toegestaan moet worden. Nu is de ontkenning verboden. Volgens Mark Rutte zou je wel het recht moeten hebben om het te ontkennen. Maar is dat vrijheid van meningsuiting, aangezien de holocaust aantoonbaar heeft plaatsgevonden? Kan een uitspraak over een feit een mening zijn?

Conclusie 3: je moet een mening over een feit kunnen zeggen, ook al is het idioot. Dat recht zou je wél moeten hebben.

Iedereen in shock en diverse groepen in de samenleving heftig beledigd. Niet omdat Mark Rutte zegt dat de holocaust niet plaatsvond, maar omdat je het zou mogen ontkennen. Dat alleen al is beledigend. Dus kwam er een nuance: je mag de holocaust ontkennen met vrijheid van meningsuiting, maar je blijft strafbaar, want ontkennen is in 99% van de gevallen een oproep tot haat en geweld.

Conclusie 4: als je een mening hebt over een feit dat in relatie staat tot een groep gelovigen die daardoor door anderen beledigd of bedreigd kunnen worden, mag je het niet zeggen. Dat recht heb je dus niet.

Opvallend: als je zegt dat een feit niet heeft plaatsgevonden, roep je op tot haat. Laten we kijken naar de poster met de tekst 'stop het gezwel dat islam heet'. Deze zin is gebiedende wijs, dus het is een oproep, zelfs een bevel. Volgens mijn beperkte medische kennis wordt een gezwel gestopt door het uit het lichaam te snijden of met chemicaliën of straling aan te vallen. Maar die poster, dat is geen oproep tot geweld, nee, dat is slechts een uiting van een mening. En dat recht heb je wél.

In gedachten verzonken rij ik blijkbaar te hard; de agent in de wagen naast me gebaart dat ik moet stoppen. Op de vluchtstrook loopt hij naar mijn auto toe, ik draai mijn raam omlaag. "U mag hier 120, maar u reed 140," zegt hij streng. "Dat is slechts uw mening, meneer," antwoord ik. Ik trek op en rij weg. Achter mij zie ik zwaailichten aan gaan. Zou ik iets verkeerds gezegd hebben?